Scheepstimmerwerf Peter Schoutenpeter schouten

Van Leerling tot Meester


Het levensverhaal is van een leerling die meester werd

Op 5 mei 2011 overleed Piet Dekker, leermeester, buurman, collega en vriend van Peter Schouten. Naar aanleiding daarvan schreef Pieter de Vos voor het lijfblad van Botterbehoud, Tagrijn, een verhaal over alles wat beide scheepsbouwers een groot aantal jaren verbond.

In de voetsporen van Piet Dekker

Het is een druilerige dag als ik langs ga bij de werf van Peter Schouten in Kortenhoef nabij Loosdrecht. Het is een schitterend gelegen werf met aan beide zijden water: klassieke bouw
met veel hout. De werf, het huis en de opslagruimte zijn allemaal door Peter zelf gebouwd.

Levensverhaal
Zijn levensverhaal is dat van een leerling die meester werd, zijn eigen leerlingen weer onderwees en zo van het verleden een toekomst maakte. Wanneer ik Peter Schouten ontmoet legt hij de laatste hand aan de kleine botter BU3 van zijn leermeester en baas Piet Dekker, die op 5 mei van dit jaar overleed. 'Er was al heel wat gedaan, maar er moest toch nog heel wat gebeuren', zo vertelt Peter Schouten.

Piet Dekker had eerst de Wieringeraak WR54. Hij hield veel van deze boot. Maar omdat het hem wat te veel werd, heeft hij deze verkocht aan de Stichting Botterverhuur in Spakenburg. Hij kocht daarna de botter BU3 omdat het een makkelijk scheepje is. De mast is kantelbaar en de zwaarden zijn niet zo zwaar. Dekker heeft in maart 2011 de tewaterlating van de BU3 nog mee kunnen maken, ook al was hij toen al erg ziek. Peter Schouten en zijn freelance werknemer Hanno Opschoor hebben het scheepje daarna voor hem afgebouwd. De botter moet nu nog een kacheltje krijgen en wat haakjes onder het berghout voor het dekzeil. Dan is ze klaar. Veel ruimte in het vooronder is er niet, maar met 2 à 3 man is het zeker goed toeven aan boord. Zeilen doet de botter ook niet slecht, met een relatief groot tuig heeft het schip goede zeileigenschappen. Tuitelig in het begin maar eenmaal onder zeil en op zijn kant is het een stabiel schip.

Peter vertelt dat hij de week voor het interview het contragewicht voor de mast gegoten heeft. Er is een blinkend stuk lood te zien aan de mast. De laatste loodjes dus van een mooi verhaal, een mooi scheepje en een verdrietig einde van haar eigenaar.

Ambacht
Achter de botter ligt de Wantij 30, Peters eigen kotter. Deze is mede ontworpen door Martijn van Schaik van Seahorse Naval Architects. Het is een goede zeiler waarmee de familie
Schouten al heel wat tochten heeft gemaakt, onder andere naar de Oostzee en het Duitse wad. Schouten vertelt dat de Wantij een mix is tussen Engelse ontwerp en Nederlandse bouw. 'De Engelsen bouwen eerst het spantenplan op en maken dan de huid om het schip. Nederlanders zetten de huid op en zetten later de spanten in het schip, dit geeft een steviger en mooier eindresultaat'. De Wantij is een mooi schip, stoer en robuust met een degelijke bouw. Het is gebouwd van mahonie en heeft een dek van Iroko: 'Rot hout, slaat op je longen, maar sterk'.

Verder heeft Schouten gewerkt aan veel projecten. Waaronder drie Hoogaarzen: de Alcyon, de Wet en de YE36. Dit laatste schip stond ook altijd ingeschreven bij Vereniging Botterbehoud. Op de vraag wat het verschil is tussen een Hoogaars en een Botter als er naar de bouw wordt gekeken, geeft Schouten aan dat een Hoogaars lichter moest worden gebouwd. Deze werd daarom ook vaak netter gebouwd dan een botter en dat geeft nu dus meer werk om te restaureren. Peter is iemand die voor kwaliteit gaat in zijn bedrijf en dat is duidelijk te zien. Er wordt oerdegelijk gebouwd en met een kloppende constructie. 'Ik ben een constructieve timmerman, het moet goed zijn: Zo vertelt de ambachtsman.

Na een mooie wandeling op het terrein zijn we terug in de werkplaats. Het ligt er vol schaafkrullen en het ruikt er naar mooi werk. We kijken een poosje naar Hanno. Hij is bezig aan een schouw. Aan werk is er hier geen gebrek: 'Volgend jaar heb ik weer een opdracht voor een Wantij 30' meldt Peter terloops. 'Nu moet je dit nog zien, mijn trots'. Peter neemt me mee naar een loods achter op het terrein. Ik mag een blik werpen op zijn houtvoorraad. 'Voorraad is belangrijk', meldt Schouten. Hij is erg precies in het uitzoeken van zijn materiaal, zoekt zelf zijn bomen uit en voert het over water aan. Dit alles zodat hij met het beste hout kan werken.

Baas Piet
Na de houtloods lopen we naar de oude werf van Piet Dekker. Om er te komen moeten we over een wiebelig bruggetje. Op de werf is het stil maar netjes tegelijk, alsof de baas elk moment kan terugkeren. Peter is zijn loopbaan begonnen bij deze authentieke scheepsbouwer toen hij twaalf jaar was. Hij heeft het vak dus van de meester geleerd. Later hebben ze samen aan zien; het is een van de laatste scheepjes waaraan Piet heeft gewerkt. Achter het terrein van Piet Dekker ligt de lichtblauwe Wantij 25, Peters eerste schip. Hij ontwierp en bouwde het zelf, van dit type varen er nu twee rond.

De oude loods en alles er om heen geeft een rustgevend beeld. In de oude timmerloods van Dekker zien we een bronzen zeemeermin, twee oude Seagulls, oude boerenkarren, een
grote lintzaag en gereedschap. Heel veel gereedschap: rekken vol met schaven en beitels, een werkbank vol met potjes en er zijn elektrische machines. Piet vertelde graag over zijn werkplaats, hij was er trots op dat er in zijn beitelrek exemplaren waren van bijna 200 jaar oud. Dit moet de droom zijn van elke botenbouwer. De sfeer die er hangt is die van honderd jaar geleden en toch kan er elk moment een boot naar binnen worden gereden om gerestaureerd te worden.

'Ik heb zijn kist ook nog gemaakt', zegt Peter: 'dat vond hij mooi, ik houd niet van die standaard kisten. Ik heb ooit met Piet afgesproken als ik eerder ga dan jij maak jij mijn kist, andersom hadden we dezelfde afspraak: We zwijgen en kijken verder. Het begint al te schemeren wanneer we teruglopen naar het huis van Peter. Zijn vrouw Anneke zit al op ons te wachten, het eten staat al op het vuur. Buiten komt de regen met bakken uit de hemel en binnen komen de fotoboeken tevoorschijn. Ik krijg foto's te zien van mooie projecten, Piet die aan het werk is en de tewaterlating van de BU3.

Anneke vertelt over het Wijdegatconcert toen de BU3 is gebruikt om het orkest te herbergen. De muzikanten zaten op het voordek van de botter en de luisteraars zaten genietend te luisteren op hun bootjes eromheen.

Toekomstwensen
Wanneer ik Peter vraag naar zijn wensen en toekomstplannen, vertelt hij me dat hij hoopt op meer tijd om met zijn Wantij reizen te gaan maken. Engeland ligt in het verschiet, de be-
manning is geen probleem, tijd wel. Op tafel in het gezellige huis van familie Schouten komt een krant uit 1969 op tafel, met daarin een stuk over Piet Dekker op zijn botter EB23. Het
stuk gaat over de vereniging Botterbehoud. Nu, 42 jaar later, is gebleken dat behoud mogelijk is. Het was toen en ook nu nodig en nuttig. De schepen die nog in de vaart zijn hebben veel
te danken aan deze vereniging en deze mannen en vrouwen. Met dacron zeilen hoef je bij deze originele ambachtsman niet aan te komen, op zijn eigen schip zit klipper-canvas. Een oud- Hollands schip moet je origineel houden, vindt hij en dat is ook de doelstelling van de vereniging Botterbehoud. Peter vertelt ook dat hij graag nog eens een Vollenhovense bol zou willen bouwen ....

Een traditioneel schip is bij Peter in professionele handen, of het nou voor restauratie is of voor
nieuwbouw. Zijn liefde voor de bouw van mooie schepen is af te lezen aan het grote enthousiasme waarmee hij erover verteld heeft. Een werf en een scheepsbouwer om te koesteren!
(Bron Tagrijn - Pieter de Vos)

Lees ook Wie is Peter Schouten
Een interview uit eerste nummer van de Nieuwsbrief van de Old Gaffers Association.

Scheepstimmerwerf Peter Schouten in Kortenhoef
 Nieuwbouw & Restauratie van houten schepen

© 2018